Op 2 juni 1958 vond de installatievergadering plaats van de Commissie Toekomstige Ontwikkeling van Amsterdam, kortweg CTOA. De commissie kreeg de taak om maatregelen te bestuderen, die nodig waren voor een gezonde economische ontwikkeling van Amsterdam. Hierbij ging het voornamelijk om de ontwikkeling rond het Noordzeekanaal. De werkgroep Ontwikkeling Noordzeekanaal, ingesteld door de Minister van Verkeer en Waterstaat, diende de commissie van advies. Het CTOA werd in 1964 opgeheven omdat de Streekplancommissie voor het Noordzeekanaalgebied zich toen ging bezighouden met de algehele problematiek van de toekomstige ontwikkeling van het Noordzeekanaalgebied.